kunst-klaar
- 23 okt 2022
- 4 minuten om te lezen

De pissebed die vorige week de tekst schreef heeft als afscheidscadeau een haiku achtergelaten.
de reus op het pad danst in het licht van de zon met zicht op de wijk
Vandaag schijnt er geen zon. Het is grauw en grijs. Er valt geen regen, maar de lucht is vochtig. Het is een graad of 14. Niet zo koud dus. Maar het kan gemakkelijk kouder ingeschat worden.
Dat merk ik, want de meeste voorbijgangers hebben een winterjas aan. Een winterjas als schild tegen de omgeving. Of het nu de temperatuur is, of de grijze en troosteloze lucht. Ze lopen ingeduffeld met een cocon om zich heen. Wanneer ik aan het pad aankom, jaag ik ongewild de duiven weg die op het gras en op de kiezels aan de bank lopen. Ik vraag me af of ik nu de omgeving verstoor. Alvast voor de duiven wel. Aan de andere kant, de vlucht van de duiven is zo mooi dat ik hoop dat er nog meer mensen hun sierlijk vliegende groepschoreografie ontwaren. Er zitten geen bewoners op hun terrassen of balkons. De ramen en deuren zijn gesloten. De sierlijkheid van de duiven weerspiegelt zich in hun glas. Maar ik kan niet weten of achter dat glas iemand de duiven heeft waargenomen, net zo min als ik kan weten of iemand mijn lichaam waarneemt vanachter dat glas. Als ik niet beweeg voor een toeschouwer, dan beweeg ik voor de omgeving. Ik denk terug aan mijn vorige plek aan de Scheldekaaien. Na ongeveer 30 sessies bleek die omgeving een omgeving voor kunst te zijn. De organisatie Kunst in de Stad plaatste in opdracht van de Stad Antwerpen een sculptuur van de kunstenaar Sammy Baloji. Hij koos op zijn beurt toevallig de plek waar ik 6 maanden lang gedanst heb. Er is 5,5 kilometer kaaimuur aan deze kant van de Schelde in Antwerpen. Maar net op die ene plek waar ik danste, zag hij zijn sculptuur staan. Of dat die plek dit potentieel altijd al in zich droeg, en ik daarom 6 maanden eerder ook exact die plek koos. Of dat mijn kleine artistieke actie heeft gefaciliteerd dat die bewuste plek als het ware een artistieke lading kreeg, laat ik in het midden. Maar het is een onderzoek waard om te bekijken of deze nieuwe plek op het Nieuw Zuid ook 'kunst-klaar' kan worden. Of dat ik misschien een artistiek potentieel voel en daarom deze plek kies. Misschien zijn kunstenaars wel dragers van een extra zintuig en kunnen ze voelen welke ruimte, welke plaats een artistieke of veelbelovende energie behelst? Indien dit het geval zou zijn, lijkt het me fijn daar een bewustzijn over te creƫren.
Ook bij mezelf. Stel je voor... 'Wat is jouw beroep mevrouw?' 'Ik ben kunstdetector. Ik dans door de stad, op zoek naar artistieke energie. Wanneer ik die energie heb waargenomen, licht ik de stadsdiensten in en zij plaatsen dan een sculptuur op die exacte plek.' 'Ah, merkwaardig. Verdient dat goed, kunstdetector zijn?' 'Wat denkt u zelf?' Of...
'Wat bent u aan het doen mevrouw?' 'Ik ben kunst-facilitator en maak deze plek kunst-klaar. Door te dansen op deze plek veroorzaak ik kleine veranderingen in de moleculen rond ons heen. Ik laad hen op met artistieke energie, zodanig dat deze plek artistiek geladen wordt en geprepareerd wordt om kunstzinnig te zijn. Op deze plek is er zo ruimte, tijd en aandacht aanwezig om andere artistieke projecten en werken te kunnen laten ontstaan of laten zijn.' 'Ah, merkwaardig. Al weet ik niet of ik u helemaal begrijp.' 'Dat is niet erg, het zal zichzelf duiden wanneer de plek klaar is. Kom gerust nog eens een keertje langs. Wie weet heeft de Stad dan een sculptuur geplaatst.'
Maar vandaag lijkt niets kunst-klaar.
Behalve een paar wandelaars met een hond, vermijdt bijna iedereen het pad waarop ik beweeg. En dan is het mogelijks zelfs de hond die beslist dit pad te nemen en het baasje meeneemt dat achter hem aanloopt.
Ik merk bij mezelf dat ik als vanzelf kleiner ga bewegen.
Voel ik me teveel, een indringer binnenin de grijze energie?
Voel ik angst, in kleine vorm? Val ik te hard op? Wil ik te hard? Sta ik wel op de goeie plek?
Wie denk ik wel dat ik ben? Wat kom ik hier eigenlijk doen?
Al deze vragen komen voorbij. En er is geen enkel antwoord dat mijn negatieve spiraal kan opklaren. Totdat ƩƩn hond besluit om contact met me te maken.
Het is niet ik die contact zoek, want inmiddels heb ik mezelf ook teruggetrokken in de cocon van mijn kleine gewatteerde wintergilet.
De hond snuffelt aan mijn voeten, aan mijn been en aan mijn hand. En ik merk dat ik er meteen een stuk vrolijker van word.
De eigenaar van de hond blijft staan. 'Is dat Pilates dat je hier doet?'
We zijn vertrokken voor een kort praatje over bewegen. De man voelt zich oud en stijf. De enige vorm van bewegen voor hem is de hond uitlaten.
Ik vertel hem over Tai-Chi. Hij kantelt het hoofd en lacht luidop. Hij vertelt dat hij er wel al over gehoord heeft en dat hij weet dat je er rustig van wordt.
En dan vergeet ik hem uit te nodigen.
We wensen elkaar nog een prettige zondag. Hij ging verder met de hond, ik ging verder met mijn kleine bewegen.
Waarom heb ik hem niet uitgenodigd?
Geen idee. Misschien omdat ik me te hard had teruggetrokken. Misschien omdat ik enkel al die negatieve vragen had gesteld. Misschien omdat ik er op dat moment al niet meer stond als kunstenaar, noch als kunstdetector, noch als kunst-facilitator. Ik stond er eigenlijk niet echt meer.
Het maakt me wel bewust van mijn functie als artistiek onderzoeker. En alle valkuilen die er aan vasthangen. Tip voor mezelf: Blijf weg van die negatieve vraagstellingen. Begin vanuit de mogelijkheden. Waarom sta ik HIER? Wat VOEL ik hier? Wat is hier AL aanwezig? Wat GEBEURT er op deze plek wanneer ik hier BEWEEG? ... Weet, het is een oefening. Zoals Tai-Chi een oefening is. Zoals een onderzoek een oefening is. Zoals kunst een oefening is. En zoals mens zijn ook een oefening is. Volgende week, herkansing.






Opmerkingen